[opinie] De elfstedenkoorts
De totale gekte was er weer en niet omdat het Carnaval voor de deur staat. Er heerste weer Elfstedenkoorts en hoe! Vriest het twee weken in Nederland, raakt iedereen gelijk van de leg en de Friezen van de kook. De hele dag werd er geouwe….. over het weer, de dikte van het ijs, gevoelstemperaturen, het elfstedencommitee, het bezorgde rayonhoofd van Balk, de oververhitte verkoop van schaatsen, inzet van het leger, ijsvrij of vorstverlet, de verwachte bezoekersaantallen in Friesland, de drankvoorraad van de firma Sonnema en meer van die goedbedoelde onzinnigheid. Alsof er geen belangrijker zaken spelen in de wereld om ons heen en met zo’n klein landje als het onze, heb je heel veel wereld om je heen. Ik denk aan het dreigende Europese debacle, aan de oplopende spanningen in de golfregio, de dagelijkse schending van de mensenrechten in Syrië en Egypte, aan de toenemende onveiligheid in Afghanistan en die onmogelijke politiemissie, de droogte en hongersnood in de hoorn van Afrika, maar ook het alweer haperende treinverkeer in ons land en zo kan ik nog wel even doorgaan. Nee, nu even niet. Het laat ons koud. Wij hadden heel andere dingen aan ons hoofd; zaken van nationaal belang. Dat doet ons goed en laat ons nou even lekker kneuterig bezig zijn.
Wij houden van Holland. Gezellig toch. Koek en sopie, stamppot, erwtensoep, rookworst, Berenburg en thermo ondergoed. We hingen aan de lippen van allerlei streekfiguren die iets te maken hadden met ijs of het weer. Figuren als dat wandelende lagedruk gebied Piet Paulusma uit Harlingen, of als baanveger Gauke Jouwstra uit Bolsward, die zijn veegmachine door het ijs zag zakken, gemaalbeheerder Sietse Feenstra uit Lemmer die hoogstpersoonlijk toeziet op de waterstanden, het zenuwachtige rayonhoofd te Balk; Tjibbe Zandstra, schaatsenslijper Sake Tienstra uit Dokkum die niet meer aan slapen toe kwam, de wel erg vrolijke Berenburgeres Popkje Plantinga uit Workum, ijsmeester Gerben Bootsma uit Bartlehiem, die zo trots was op zijn zwarte ijs of als stempelpostbouwer zonder werktekening Tjerk Gaastra uit Sneek.
Weerprofeten, rayonhoofden, ijsdeskundigen, dweilorkestjes en baanvegers waren ineens niet meer van het scherm te branden. Zelfs oud kampioenen en bikkels uit lang vervlogen tijden werden weer van stal gehaald of konden zo vanuit Canada worden ingevlogen en zij werden uitvoerig gehoord over de kansen, de oude verhalen en de prognoses voor de tocht der tochten. En zo werd weer menig actualiteitenprogram en nieuwsbulletin vol geleuterd over schaatsen, ijscondities, weerprognoses en die koorts die toch vooral door de media werd aangewakkerd en waartegen geen medicijn bestaat. Onze nationale trots bereikte recordhoogte en het leek wel of iedereen kan schaatsen of daar tenminste veel van houdt. Ik kan het niet, maar ik mag er wel graag naar kijken. Ook weer niet teveel natuurlijk en gelukkig is het alleen maar in de winter. Dan is voetbal erger, want dat doen ze het hele jaar.
Waar we al een beetje bang voor waren is gebeurd. Een ramp heeft zich over ons land voltrokken. We weten nu dat de Elfstedentocht alweer niet doorgaat, of zoals de Friezen zeggen “’t giet net on”. Heel sneu voor met name die razend enthousiaste en ontdooide Friese vrijwilligers met hun sneeuwschuivers, prikstokken en veegmachines en wat te denken van die vlaggenfabrikant met die mooie 16e uitgave van de Friese elfstedenvlag. Dit droeve nieuws zal ons nog wel een tijdje bezighouden, want wat is het toch jammer en wat wilde voorzitter Wiebe Wieling en zijn raad van elfstedenclub het toch graag.. Ondanks dat het vroor dat het kraakte en Nederland gebukt ging onder Siberische toestanden waren er toch teveel stukken met slecht ijs. Hoe is het mogelijk in het land van de hoge Noren, lage Vikingen en Friese doorlopers. Zelfs tot in de Tweede Kamer had men het erover en met name in zuidwest Friesland zag men beren op het ijs. Bij zoveel leed denk je toch even niet aan ander leed in de wereld. Nederland zakt weer terug in somberheid, de gewone winterse depressie en angst voor de toekomst. Dat was met die elfstedenkoorts wel anders. Voor even werden we samengebracht onder de pompeblearen van de Friese vlag en dat schiep een band. We waren uitgelaten, ontdooid, vol verwachting en zoals gezegd fors van de leg. En nu? Nu moeten we weer overgaan tot de orde van de dag en ons maar weer richten op die monstertocht in een volgende winter. Gelukkig hebben we veel in dit land, maar je kunt natuurlijk niet alles hebben. We hebben in ieder geval nog de mooie herinneringen, de prachtige plaatjes en spruitjesboer Angenent blijft nog wat langer de laatste winnaar van dat vreemde, maar hartverwarmende sportspektakel dat ons zo verbindt. Op naar de carnaval dan maar. Die lof der zotheid kan ons wat langer ontdooid houden en laten we maar lachen om onszelf. Dat dan weer wel.
Proost!
Gerard Libert
